Artikel bewaren

Je hebt een account nodig om artikelen in je profiel op te slaan

Login of Maak een account aan
Reacties1

Blog Margriet: ‘In gedachten beloof ik haar dat ik alles bij elkaar zal liegen als het haar gelukkig maakt’

Palliatief verpleegkundige Margriet krijgt soms bijzondere patiënten onder haar hoede. Deze keer: een vrolijke mevrouw van in de negentig die in haar eigen, al even vrolijke, wereldje leeft.
Blog Margriet

Illustratie: Maureen Wattenbergh

Tijdens de ochtendbriefing verneem ik dat ik vandaag de zorg opneem van mevrouw Francine W., die in de loop van de ochtend op onze palliatieve eenheid arriveert. 

Ik bereid me voor op haar komst en bestudeer de documenten die we ontvingen van het woonzorgcentrum waar ze woont. Persoonlijk/sociaal: 96 jaar, weduwe, geen kinderen en familie meer, vriendelijk in omgang, babbelt graag. Medisch: sterke daling algemene toestand, bedlegerig sinds enkele maanden, anorexie, diverse ernstige decubituswonden én… zwaar dementerend. 

Bij aankomst kijkt een kleine frêle dame me van onder haar dekens met grote verwonderde ogen aan.

‘Dag mevrouw W., welkom op onze afdeling. Mijn naam is Margriet. Hoe is de reis naar ons verlopen?’

Een prachtige glimlach komt tevoorschijn op haar gezicht: ‘Maar dat is toevallig, ik heet ook Margriet!’ In twijfel gebracht check ik discreet haar polsbandje, waar drie voornamen opstaan en haar achternaam, maar… nergens Margriet.

Ach, ik had begrepen dat u Francine heet’, probeer ik nog. Ze lacht vrolijk en zegt: ‘Nee hoor, maar dat geeft niks. Wat leuk trouwens dat u op bezoek komt. Woont u hier pas?’

‘Nee hoor, ik woon hier niet, maar ik werk hier als verpleegkundige’, antwoord ik. ‘En u bent hier net aangekomen, hé?’

Haha, nee hoor, ik woon hier bijna dertig jaar. Samen met mijn man, maar die is even de hond uitlaten. Is er dan iemand ziek in onze flat?’

Ik besef direct dat ik een dikke streep kan zetten door de standaard ontvangstprocedure. En dat ik een alternatief moet vinden om er vooral voor te zorgen dat zij zich bij ons thuis gaat voelen, of liever: thuis blijft voelen.

Ik moet even de waarheid omzeilen om haar niet te verontrusten: ‘Nee hoor, er is niemand ziek hier, maar ik ga regelmatig eens bij iedereen langs om te zien of ik iets voor de bewoners kan betekenen. Misschien kan ik u ’s ochtends helpen met uw toilet, of bij het eten, of…..’

Ach meiske, da’s heel lief van u,’ onderbreekt ze mij, ‘maar wij redden ons prima samen. Alleen is het soms moeilijk voor de boodschappen, want ik kan niet zo lang stappen. Doet u die misschien ook?’

Ik zie een opening: ‘Ik heb een beter idee, ik kom jullie gewoon drie keer per dag de maaltijden brengen. Dan hebt u daarover geen zorgen én het is in de huurprijs inbegrepen. Ik ga het direct voor u regelen en dan kom ik zo dadelijk bij u terug.’

Eenmaal buiten de kamer moet ik even lachen. Ik vrees dat ik bij deze dame af en toe een leugentje om bestwil zal moeten gebruiken. Maar er zijn verzachtende omstandigheden om me te excuseren.

Ik verwittig de arts dat onze nieuwe patiënte is aangekomen én dat ze erg verward is. Zoals gebruikelijk gaan we samen naar haar toe.

‘Dag mevrouw W., welkom op onze afdeling. Mijn naam is dokter Huybrechts.* Hoe maakt u het?’

Een mij reeds bekende glimlach verschijnt weer op het gezicht van de patiënte: ‘Maar dat is toevallig, ik heet ook Huybrechts!’

Ik geniet van de verbaasde gezichtsuitdrukking van onze arts. Met een knipoog maak ik hem duidelijk dat alles oké is met de identiteit van mevrouw en zeg: ‘Ach, natuurlijk mevrouw Huybrechts, we waren even verkeerd.’ 

‘Geeft niet hoor, wat leuk trouwens dat u langskomt. Woont u hier ook?’ …

Ik laat de arts op zijn beurt even zoeken naar een passend antwoord. En ja hoor, ook hij ziet in dat het geen zin heeft om haar ervan te overtuigen dat zij net verhuisd is en in het ziekenhuis ligt. Ik verneem dat hij ‘hier sinds kort woont’ en dat hij haar vast nog wel vaker zal tegenkomen. 

Het is duidelijk dat we de komende dagen veel plezier gaan beleven met deze vrolijke mevrouw. En ik beloof haar in gedachten dat ik zonder scrupules alles bij elkaar zal liegen als het haar kan geruststellen en gelukkig maken.

Samen met de arts concludeer ik dat bij mevrouw W. aan het einde van haar levensrit haar spraakspieren het waarschijnlijk als allerlaatste zullen begeven.

* Deze naam is gefingeerd omwille van privacyredenen.

Lees ook de vorige blog van Margriet: Blog Margriet: ‘Zeggenschap krijgen is mooi, maar uit jezelf iets durven zeggen telt ook’.

1 REACTIE

Geef je reactie

Om te kunnen reageren moet je ingelogd zijn. Heb je nog geen account, maak dan hieronder een account aan. Lees ook de spelregels.